MAART.
Het aloude gezegde luidt: “Maart roert zijn staart”.
Dit was in 2018 voor onze regio echter deels van toepassing. Het geweld zat hem voor het grootste deel aan het begin van de maand. Maar liefst vier zeldzame soorten werden er deze maand gemeld en een massale migratiegolf. We beginnen met die laatste.
Kraanvogel:
Eind februari/ begin maart ging Nederland gebukt onder een koudefront met een harde aanhoudende oostenwind. De gevoelstemperatuur lag soms rond de -15 graden. Op datzelfde ogenblik hadden zich in het Franse Lac Du Der zo’n 30.000 tot 90.000 Kraanvogels verzameld. Het was dan ook afwachten in spanning of wij in onze regio, een deel van deze migratiegolf zouden mee krijgen. Wij werden niet teleurgesteld. De eerste Kraanvogels dienden zich aan in de nacht van 3 op 4 maart. Tussen 4 en 6 maart trokken de vogels massaal over onze regio. Op 7 en 8 maart was er nog een laatste stuiptrekking met enkele overtrekkende vogels. In totaal zijn er meer dan 8000 Kraanvogels over onze regio getrokken. Dit aantal ligt aannemelijk hoger, aangezien de trek ‘s nachts vrolijk doorging en de vogels uiteraard niet te tellen waren. Meldingen kwamen uit de gehele regio, maar de nadruk lag toch het meest aan de oostgrens . Nadien bleven er mondjesmaat Kranen doorkomen tot het einde van deze maand waaronder een pleiseterend exx van 17 t/m 31 maart in de Pannerdense Waard (P. Bus). En op 30 maart vlogen er nog 28 over de Rijkerswoerdse Plassen Arnhem (A. Poelmans).
Hieronder een top 5 met de hoogste dag-aantallen:
- Netterden 3200 stuks 4 maart
- Bergherbosch 1621 stuks 4 maart
- Kilder 800 stuks 4 maart
- Driel/Meinerswijk 314 stuks 4 maart
- Pannerden 300 stuks 6 maart
“Onze” Witstuitbarmsijs werd na 12 dagen afwezigheid, terug gevonden op 5 maart op zijn oude plek aan de Nieuwe Haven van Arnhem. (J. Meszaros). Hij verbleef hier tot 17 maart tesamen met ongeveer 21 Grote Barmsijzen.
Tussen 5 en 11 maart verbleef er een vrouwtje Sneeuwgors in de Lingewaard nabij Angeren (R. Zweers). De vogel pendelde tussen het Nijmeegs werkgebied en de onze en was, zoals het deze soort betaamt, uitermate tam en tot enkele meters te benaderen.
Op 4 maart werden er in het Beekhul te Eerbeek acht Grote Kruisbekken gemeld (G.Verhoef). De dagen er na werden er tot drie exemplaren met een beetje geduld gezien en gehoord. Na 10 maart werden ze niet meer terug gevonden ondanks meerdere zoekpogingen.
Een Cetti’s Zanger werd gehoord op 20 maart in deOude Rijnstrang bij Aerdt (G, Jenniskens) en was eindelijk een keer voor een langere periode twitchbaar. De vogel bleef tot het einde van de maand. Af en toe was er een glimp van te zien, maar we moesten het voor het merendeel doen met zijn explosieve zang.
Met 32 exemplaren was de Houtsnip deze maand zeer rijkelijk aanwezig. Opmerkelijk daar de soort in voorgaande jaren stukken zeldzamer was. Van het Bokje werden er maar 8 gezien, de laatste op 10 maart in Angeren (J. Kok). Uit 4 gebieden werden er baltsende Roerdompen gemeld, allen uit de Rijnstrangen. De (wellicht) laatste Klapekster van dit seizoen, zat op 12 maart op de Arnhemse heide (A. Vink). Patrijzen werden uit 15 gebieden opgemerkt, waarbij de 2 op 18 maart in ‘s Heerenberg opmerkelijk waren, deze waren daar nieuw (R. Vernooij). Een mannetje Topper was op 31 maart nieuw voor de Kleine Gelderse Waard (E. Ernens). Op 4 maart zaten er kortstondig 7 Pestvogels in de wijk Vredenburg (F. Wagenaar).
Fenologie:
Maart staat ieder jaar weer te boek als de maand waarin de eerste zomergasten terugkeren uit hun overwinteringsgebieden. Hieronder een overzicht met de 1e datum plus ontdekker.
- Grutto 4 maart Waterrijk, Arnhem J. De Jong
- Ijslandse Grutto 9 maart Westervoort H. Van de Dool
- Bonte Strandloper 6 maart Doesburg, Telpost E. Lam
- Groenpootruiter 6 maart Doesburg, Telpost E. Lam
- Kleine Plevier 9 maart Waterrijk, Arnhem F. Van de Ven
- Bontbekplevier 11 maart Drempt M. Gal
- Zomertaling 11 maart Waterrijk, Arnhem R. Verhaar
- Tjiftjaf 12 maart (1e zang) Doorwerth B. Klaver
- Boerenzwaluw 13 maart Westervoort D. Van Dorp
- Zwartkop 10 maart (1e zang) Dieren B. Coenen
- Blauwborst 21 maart Velperwaarden R. Wever
- Oeverzwaluw 27 maart Waterrijk, Arnhem P. Swimmer
- Fitis 30 maart Arnhem- Schuytgraaf J. De Jong
- Boompieper 30 maart Herikhuizerveld T. Vernooij
Op 30 maart vloog de eerste Visarend van 2018 boven De Aa te Groessen (G. Jenniskens). De eerste Zwarte Wouw werd gefotografeerd op 24 maart boven Zevenaar (G. Verhoef). Maar liefst 34 Rode Wouwen trokken deze maand over het werkgebied. Het grootste aantal op 1 dag was op 4 maart, tijdens de Kraanvogel trek, namelijk 10 exemplaren. Zeearenden zwierven deze maand door 9 gebieden. Het blijft lastig om te bepalen hoeveel er nu daadwerkelijk zitten. Op 10 maart vloog er een Velduil boven Lathum (B. Van Bommel) en op 15 maart zwierf er een exemplaar rond bij Laag Wolfheze (J. Frowijn).
Maart is ook goed voor de Goudplevier die in soms grote aantallen door ons werkgebied trekt. Uit maar liefst 21 gebieden kwamen meldingen door van groepen vogels. De top 3 van grootste aantallen is als volgt:
- 162 21 maart Rouvenen M. Gal
- 90 23 maart Cortenoever M. Ruijs
- 75 9 maart Netterden Ro. Schwartz
Op 23 maart verbleef er een Dwergmeeuw bij Netterden (G. Strang) en van 26 t/m 31 maart verbleef er een 2e kalenderjaar in het Waterrijk (J. Swaving). Op 31 maart werd de eerste Zwartkopmeeuw van het seizoen gezien in Waterrijk. (G & R. Verhoef). ). Tweemaal werd er een Dwerggans gemeld. Op 3 maart in Ellecom (B. Coenen) waarschijnlijk de vogel die hier deze winter onregelmatig gezien is en op 28 maart een uit Zweden afkomstige vogel in Cortenoever, Brummen (G. Verhoef). Dit was af te leiden uit zijn geringd zijn. Op 6 maart zat er een Roodhalsgans in de Jezuitenwaay (M. Bosman) en 2 exx op 26 maart in de Pannerdense Waard (R. Vernooij). Uit 2 gebieden kwam nog een melding van de Kleine Rietgans. Op 2 maart werd er nog een gezien in Brummen ( J. Kok) en op 20 en 21 maart ter hoogte van de Ijssel in Doesburg (M. Gal). De 4 Wilde Zwaan bleven tot 11 maart in Netterden.
De Grote Barmsijs invasie lijkt deze maand op zijn eind te lopen. Uit nog maar 6 gebieden kwamen er meldingen binnen, de laatste op 28 maart in de Schuytgraaf, Arnhem. Van de Kleine Barmsijs werden er nog maar 3 gemeld, de laatste op 18 maart in Eldrik (G. Strang).
Het was weer genieten.
Tot April !